De ijsvogel
Deze vogel komt in nederland niet veel meer voor. Hij is erg gevoelig voor veranderingen in het klimaat. Natuurlijke energie helpt ons bij een beter milieu. In level 4 maak je met je eigen school een energieplan.
Ook als docent kun je op deze site terecht. Je kunt de handleiding op verschillende manieren raadplegen:
Meer weten »
Water
Water beweegt dankzij eb en vloed en de wind. Als water beweegt kun je die energie gebruiken.
Meer weten »
Wind
Lucht is een mengsel van gassen (voornamelijk uit zuurstof en stikstof). Lucht kun je niet zien, maar wel voelen. Je voelt de lucht als hij beweegt. Bewegende lucht noem je wind.
Meer weten »
4 Natuurlijk
In level 4 kun je van dit pan een eigen homepage voor je school maken. je kunt ook een plan maken voor een andere school. misschien wel een school in het buitenland.

Plannen bedenken voor een ander is mooi. Maar ook gevaarlijk. Je moet precies weten wat de ander wil. Wat de mogelijkheden van het gebouw en de omgeving zijn. Kortom, je moet veel informatie hebben. Anders bedenk je een plan dat niet werkt. Of een plan dat niemand wil. Dat is zonde van de tijd en de energie.


Lees eerst zorgvuldig de informatie die in de casusbeschrijving van je partnerschool staat. Met deze informatie kun je je al een beeld vormen. Maar misschien heb je wel meer informatie nodig. Om daarachter te komen maak je een vragenlijst. Daarin vraag je naar de ontbrekende informatie.


Je moet niet alleen alles weten over de mensen. Maar ook over de omgeving waarin ze wonen. Over het gebouw waarin ze werken. En de energie die in dat gebouw wordt verbruikt. Deze informatie heb je ook nodig voor je plan.

Een deel van die informatie staat in de casus. Een ander deel haal je uit eigen informatiebronnen. Je kunt je atlas raadplegen of zoeken op Internet. Je docent Aardrijkskunde kan je vast helpen. De rest van de informatie krijg je door vragen te stellen.


Opdracht 1

Schrijf zo veel mogelijk vragen op. Denk daarbij aan vragen die over de wensen van de mensen gaan. Over het energieverbruik van de school. En over de omgeving van de school. Vergelijk je vragenlijst met die van je medeleerlingen.

Maak zo een complete vragenlijst. Overleg ook met je docent. Bekijk of je geen vragen vergeten bent.
Voor het versturen van de vragen gebruik je e-mail.